Interview met Bernard Maarsingh

We zijn trots met Bernard Maarsingh als een van de keynotesprekers het congres “Een Friese wind door jeugdzorg”.
Onze redactie zocht hem op om meer te weten te komen over zijn lezing en over hemzelfKlik hier voor meer informatie over zijn bijdrage aan het congres.

Wat is jouw persoonlijke affiniteit met jeugdzorg?

“Jeugdzorg is een dubbele liefde van mij. Als student ontwikkelingspsychologie leek het mij fantastisch. Toen ik ging werken in de jeugdzorg bleek de praktijk anders. Ik vond het ingewikkeld, ik kon nooit lekker met kinderen werken. Altijd had je hele systemen eromheen mee te slepen, die soms van harte tegenspartelden in plaats van samen te werken.

Met Klinische psychologie kon ik met volwassenen wel constructief bezig en daarom ben ik toch maar volwassenen gaan doen. Jeugdzorg is altijd een beetje ‘plakken’: ik vind het fantastisch dat we wat aan kinderen kunnen bieden. De wijze waarop het nu geregeld is vind ik echt droevig. Dit heeft te maken met de prijzen. Hierdoor is er een “run naar the bottom” waardoor steeds lager opgeleide mensen met vreselijke problematiek worden opgezadeld waardoor de problematiek vaak nog ernstiger wordt. Dan denk ik dat moeten we eigenlijk een beetje anders doen.

Het leuke van nu is dat je vandaag de dag allemaal leuke games en spelletjes hebt die rechtstreeks de invloed van de kinderen stimuleren. Ik dacht dat het leuk zou zijn om daar wat over te vertellen op het KieN congres! Dan heb je schaalbare interventies die vreselijk leuk zijn om te doen en het is ook nog eens heel goed!
De jeugdzorg is dus een dubbele liefde, het werken met kinderen is prachtig maar de heisa er om heen is minder. Bij de manier van aanbesteden heb ik ook vragen, het gaat vaak ten koste van de kwaliteit. Gelukkig zijn er nog KieN’en en Kinniks die het anders doen.”

Is het haalbaar om deze moderne hulpmiddelen in de vorm van robots en VR games aan alle kinderen te kunnen aanbieden? Is dit een realiteit of een toekomstdroom?

“Ja en nee. Sinds 2018 hebben wij het “Huis dat met je hersenen speelt” opgericht. Een grote groep kinderen komt hier met regelmaat op zondag spelen, het wordt dan een soort zondag school, zonder andere bezoekers.

We hebben dus al vier jaar ervaring met kinderen en in die zin is het zeker geen toekomstmuziek. Maar om aan alle kinderen deze toegankelijkheid te kunnen bieden is wel toekomst. We willen straks in het Zaailand beginnen vanuit een soort Vitaliteitsfabriek een gezondheidsabonnement aan te bieden. We willen graag dat gemeentes hieraan mee gaan doen.

Alle kinderen zijn daar welkom om via slaaprobots te oefenen met slapen en ontspannen. Of met de breinsensor Muse die meet of je denkt of dat je ontspannen bent. Dan gaan de kinderen oefenen met niet denken en niet piekeren, en worden ze getraind om stress te hanteren zodat ze heel vaardig worden om stress in te zetten in plaats van dat het tegen ze werkt. We hebben een VR game waarmee je je eigen goede gewoontes traint, wat wil je graag in je leven en hoe zorg je dat je ze vaker doet en de dingen waarvan je denkt dat zijn slechte gewoontes herkent en minder vaak doet.

We hebben heel veel mogelijkheden en het leuke is dat alle GGZ instellingen in Friesland ondertussen enthousiast zijn over het idee. Dus ook al is het nog toekomstmuziek voor alle kinderen, ik denk dat we wel iets te pakken hebben wat heel veelbelovend is. Vanaf 1 december starten we op het Zaailand om het als zorg in te zetten, onder andere ook bij KieN. Wij denken je moet niet teveel blijven praten, maar gewoon starten en kijken hoe je het mooi maakt.”

Zie jij de games en robots ingezet worden op de basisschool om problemen te ondervangen?

“De games zijn niet een signaleringsfunctie, de games zorgen er voor dat je je beter gaat functioneren. Heel veel gedrag, je zou kunnen zeggen heel veel geluk, heeft te maken met gewoontes. Heb je gewoontes die je helpen om gelukkig te worden of gewoontes die je helpen om ongelukkig te worden.

We onderschatten vaak enorm hoe belangrijk het is om kinderen te helpen gewoontes in te zetten die ze helpen. En daar hebben we games voor ontwikkeld. Bijvoorbeeld een game waarmee je handig wordt met je eigen stress. Zo voorkom je letterlijk klachten. Het is niet alleen een kijkplaatje, maar de bedoeling is dat er geen klachten ontstaan. Onze ambitie is dus net even anders.”

Heb jij wel eens te maken gehad met iets in de jeugdzorg dat jou persoonlijk raakte?

“Ik heb inderdaad veel gezien bij cliënten omdat we jarenlang jeugd hebben gedaan bij Maarsingh en van Steijn. Het meest schrijnende voorbeeld wat ik heb meegemaakt was een meisje dat ernstig automutileerde waarvan de ouders zich ernstig zorgen maakten. Ze was al 3 jaar niet meer naar school geweest. Haar huisarts belde dat we echt iets moesten gaan doen.

Bij MDO achtige overleggen waarbij ook het meisje en haar familie uitgenodigd waren zaten dan wel 20 mensen aan tafel, maar al die mensen deden niks. Dat vond ik heel moeilijk en schrijnend om te zien. Je ziet dan een kind wat er vreselijk erg aan toe is maar er gebeurt weinig. Het was vreselijk moeilijk om daar daadwerkelijk een stuur op te krijgen. Dat al die hulpverleners dan ook echt iets gaan doen in plaats van praten over. Dat had heel anders gekund.

De ouders hadden geen cent te makken dus er was ook veel armoede. Dan moet je iets doen en kun je zo’n kind niet door de grond laten zakken. Zo moet het niet. Armoede is echt een voorspeller van overerfbare ellende. Dat moet gewoon stoppen.

Het leuke is dat gemeente Leeuwarden ambitieus is om hier iets aan te doen. De gemeente geeft dan geen geld uit aan hele dure zorg dat weinig doet en dat opgeteld veel duurder is. In plaats daarvan geven ze letterlijk geld aan de mensen zelf die lijden onder armoede. Dat is een fantastisch mooi plan. Door geen geld te geven aan de mensen of instanties die geld verdienen aan armoede, maar het geld rechtstreeks aan de mensen te geven wordt deze armoede bij de bron aangepakt. Armoede is een helaas een verdienmodel.

Er zijn in dit project een heel aantal gezinnen die geholpen worden uit de armoede door rechtstreeks geld te krijgen zodat de schulden weg zijn, werk wordt geregeld enzovoorts. Voor het eerst houd het overerfbare dan op, die mensen kunnen letterlijk met een schone lei beginnen. De Amerikaanse onderzoeker Kimberly Noble toonde aan dat als je langdurig opgroeit in armoede de kans dat als je achttien jaar bent zelf ook in armoede leeft 75 keer zo groot is. Armoede zorgt voor armoede. Die zorg moet beter, geef geen geld uit aan omstanders, maar geef geld aan de gezinnen zelf.”

In de omschrijving van je lezing geef je aan dat gezondheid en allerlei kennisgebieden gaan elkaar kruisen: biologie, neurologie gaan samen met statistiek, big data en gedragswetenschap. Kun je hier iets meer over vertellen: hebben we straks allemaal een hersenchip?

“In telefoontjes en smartwatches wordt enorm veel gezondheidsdata bijgehouden en opgeslagen. Die medische data is er allang en het is veel geld waard. Wat er nu gebeurt is dat al deze info zeg maar beschikbaar wordt gesteld aan grote Amerikaanse partijen zoals Apple, google en meer. Die ontvangen vreselijk veel gezondheidsdata via een aandeelhoudersmodel. Het geld gaat nu naar de aandeelhouders in dat verdienmodel. In Europa is hier geen model voor dus gaan al die gegevens naar het buitenland. Mijn stelling is dat we deze data van de mensen zelf zouden moeten maken. Dat jij als baas van jouw eigen gegevens deze data kunt verkopen, een CEO van eigen data zeg maar. Zo zou je met gezamenlijke verkopen ook armoede kunnen bestrijden.

Je zou kunnen zeggen dat mensen verdienen aan armoede en ellende. Zo is dat in de gezondheidszorg ook: ik heb hier een heerlijk kantoor, dankzij mensen met ellende. In ziekenhuizen lopen allemaal dure mensen rond, die doen het goed dankzij ellende. Ellende is ook een verdienmodel. Kennelijk kan je hier ontzettend aan verdienen, kijk maar eens naar de farmaceutische industrie, daar gaat enorm veel geld in om. Kunnen we dan niet zorgen dat een deel van de gegevens van de mensen zelf blijft, zodat het een armoede bestrijdingsmodel wordt? Dat is iets wat ik heel interessant vind. Dan lus je dus gezondheid, big data, financiële omgevingsvariabelen je aan elkaar.”

En biologie, hoe zit het daar mee?

“Biologie is ook interessant! Wat we nu zien is dat het percentage aan depressie en angst bij jeugd steeds meer toeneemt. Dit wordt vaak geweten aan de tablet/telefoon, games enzovoorts. Er is echter ook nog wat anders dat meespeelt. Dat is dat de biodiversiteit om ons heen enorm afneemt. Dit heeft grote invloed op onze microbioom (verzamelnaam voor de bacteriën in en op ons lichaam) binnen in onze darmen dat communiceert met ons brein.”

Je doelt op dat de darmen ons tweede brein zijn en dus direct invloed hebben op ons functioneren?

“Precies. Die biodiversiteit in de darmen is een enorme voorspeller van psychische ellende. Als daar de diversiteit afneemt zie je de ellende toenemen! Heel veel auto-immuunziekten bijvoorbeeld. Die samenhang is van groot belang om een lans te breken naar de toekomst toe. Om te zeggen “jongens, we moeten iets met onze omgeving doen want onze kinderen worden er letterlijk ziek van!”

Hoe zie jij dit dan voor je? De biodiversiteit in onze natuur en voedsel neemt, door allerlei oorzaken, vooral verder af.

“Dat zie ik ook afnemen. Het zodanig verschralen dat het daadwerkelijk een bedreiging voor onze leefomgeving wordt. In de Vitaliteitsfabriek aan het Zaailand willen we daarom bijvoorbeeld ook brain-food aan bieden. Wat voor dingen maken mensen gezond: dat is eten laag in de voedselketen, zonder gif en ellende er op. Dus wij hopen heel erg dat mensen zich gaan realiseren wat voedsel doet met ontstekingswaarden in je lijf.

We merken nu al een klein beetje dat als je de ontstekingswaarden op orde wilt krijgen dit niet anders kan dan door voedsel te gaan eten dat de darm biodiversiteit stimuleert. Op die manier zie je eigenlijk dat gezondheid en onze omgeving vreselijk samenhangen.

Ik denk steeds dat we een medisch model moeten maken waarin de samenhang van onze omgeving, de verrijking van wat er om ons heen gebeurd, een soort centraal thema moet zijn. Al deze dingen gaan in elkaar haken denk ik. We zijn al begonnen met het oprapen van kennis. Grappig genoeg betekent een lifestyle interventie ondernemen dus ook zorgen dat de biodiversiteit om je heen toeneemt.”

Hoe zie jij goed en biodivers eten beschikbaar komen voor elke beurs? En dus verder getrokken: beschikbaar voor elk kind. Biologisch of BD voedsel is niet overal beschikbaar en prijzig.

“Ja die is spannend, want aan de ene kant is dat het verhaal. Wij hebben een boerderij in Balkbrug gekocht om aan te tonen dat dit een kletsverhaal is. Mensen komen een periode van ongeveer twee weken hier logeren, we oogsten daar uit de tuin en uit het aangrenzende bos. Ook paddenstoelen plukken. Dit zijn we in onze cultuur niet zo gewend. Maar ze zijn heerlijk en heel goed voor de biodiversiteit in onze darmen.

De bezoekers van de boerderij eten daar dus totaal anders. Ze verzamelen bijvoorbeeld een goedkope salade van super gezonde paardenbloem bladeren. En Brandnetels, die smaken net als spinazie, zijn er altijd en enorm gezond. Dit verzamelen vanuit de natuur kan iedereen toepassen, thuis in de eigen omgeving. Het idee dat goede bio diverse voeding te duur is is dus fake.”

Dan gaan we dus terug naar vroeger, naar de basis?

“Ja dat betekent dat we anders moeten leren kijken. Ik denk steeds: er zijn vreselijk veel mogelijkheden, maar we moeten starten met dingen. Met mensen die dat leuk vinden en mee doen en dan wordt het hopelijk een besmettelijke ziekte!”

Dan komen we terug op ons congres. Met betrekking op verandering in de jeugdzorg worden er vragen gesteld als “Hoe moet dat dan?” en “Wie gaat dat doen of neemt het voortouw?”

Klopt, en wat ik heel mooi zou vinden is dat we niet teveel kletsen over maar op plekken gaan starten. Begin december gaan we hier in Leeuwarden starten met de vitaliteitsfabriek om de wachtlijsten op te ruimen. Dit met aan de ene kant High Tech en aan de andere kant Low Tech. Je maakt bijvoorbeeld met een groep een wandeling en op geschikte plekken leer je ze wild plukken. Dan heb je aan het einde van de dag een gezonde salade. Dit zijn hele leuke ideeën om mensen te helpen ervaren: Gezondheid kan echt!”

Wat wil je onze congresbezoeker vooral meegeven?

“Wij in de gezondheidszorg nemen onszelf vreselijk serieus. Het is hemeltergend serieus. Ik denk vaak: ga het in Godsnaam ook een beetje spelend doen. Niet alles hoef in een keer perfect te zijn. We hebben enorm de neiging om alles evidence-based te maken.

We moeten er naar toe om producten te ontwikkelen en onderzoek doen die ons product versterken. Dus niet alleen om achteraf aan te tonen of iets werkt, maar om producten veel sneller te kunnen ontwikkelen en aan te bieden. Design for delight. Dan heb je klanten nodig, niet eruit halen tot iets perfect is, maar ze mee betekenisvol maken. Laat die grote zwaarmoedigheid los en ga samen met cliënten en klanten mooie dingen doen.”

Wat weten we nog niet over jou?

“Ik heb een hele leuke vrouw! Maar dit weten veel mensen wel. Ik denk dat de kern is dat ik eigenlijk heel saai ben. Letterlijk nooit dronken, ik heb eigenlijk wel een beetje een hekel aan feestjes. Ik ga er wel eens naar toe maar ik probeer altijd snel weer weg te gaan. Ik zou wel eens psychedelica willen proberen maar durf het niet. Ik leid een heel braaf leven, ga op tijd naar bed en ga er op tijd weer af.”

Ben jij privé ook van de gadgets en nieuwste snufjes?

“Ik heb wel 2 horloges om, een heb ik van mijn vrouw gekregen en ik weiger om deze liefdeshorloge af te doen. De smartwatch gebruik ik om mijn eigen data nadrukkelijk bij te houden en ik laat me er ook door stimuleren. Dat is vanuit inhoudelijke interesse. Verder ben ik niet echt van de snufjes, je hebt er niet zoveel aan. Als je innoveert zorg dan dat er ook echt kwaliteit in komt. Snufjes hebben dat vaak niet.

Ik hou meer van kunst: dat is met veel liefde en heel veel aandacht gemaakt. Een kunstenaar of porseleinbakker maken fantastische dingen, met aandacht. Zo zouden we ook naar onze omgeving kunnen kijken: toevoegen in plaats van te verschralen.”

Jij en je vrouw hebben samen een bedrijf, Maarsingh en van Steijn. Praten jullie thuis nog wel eens over iets anders dan werk?

“Dat is wel een leuke vraag! Bij ons loopt alles door elkaar heen. Heel vaak midden in het weekend zijn we bezig met werk, of ’s avonds laat. Letterlijk nog in bed. We zijn beide doordrenkt met de dingen die we doen.

Ik vergelijk het wel eens met jagers en verzamelaars. Moet ik elke week tig keer naar de kroeg en me afleiden met dingen die me geen bal interesseren. Vakantie kan mij na een paar weken al te lang duren, te lang zonder leuke cliënten en andere leuke mensen. Dan zit ik daar maar vrij te wezen. Dat juist alles door elkaar heen loopt vind ik een heerlijk leven. Als je vreselijk het onderscheid tussen werk en privé maakt dan gaat het niet goed met je is mijn stelling.”

Dat maakt jou dan erg flexibel Bernard?

“Dat denk ik wel, dat is de charme van ons leven, met tussendoor een zoentje.”

 

 

 

Meer lezen over de KEYNOTE van Bernard Maarsingh klik hier.

Share

Interview met Bernard Maarsingh